Rotterdams Nieuwsblad, donderdag 16 februari 1939

Laguna 75 jaar.

Vermaard portretschilder.
De bekende Gooische kunstschilder Baruch Lopes de Leão Laguna is heden 75 jaar geworden.
Baruch, die van den armen tak van roemruchte koopmansgeslacht was, werd opgevoed in het Potugeesch lsraëlietisch weeshuis te Amsterdam. Zijn talent bleef op de school van het weeshuis natuurlijk; niet verborgen, maar daar had hij geen pleizier in de teekenlessen! Toen op zijn veertiende jaar over zijn beroep moest worden beslist, werd hij naar de Quellinusschool gestuurd om decoratieschilder te worden. Na twee jaar bleek echter, dat de nuttige schilderkunst hem niet en hij kreeg verlof examen te doen voor de Academie. Allebé en Wynveld werden zijn leermeesters. Op zijn 17e jaar moest hij het weeshuis verlaten en op eigen beenen gaan staan.
Hij kreeg werk voor tijdschriften, kon op een zolder in de Jodenbuurt een atelier-woonplaats inrichten en kreeg naam, toen hij voor het eerste nummer van Elsevier’s Maandschrift een reeks schetsen uit zijn buurt had gemaakt. Hij ontmoette op zijn omzwervingen Herman Heijermans, met wien hij vriendschap sloot en die zich als Rotterdammer in Amsterdam nog niet zoo thuis voelde. Als muziekliefhebber bezocht hij Frascati en teekende daar een ouden cellist. De schilder Oldewelt dien hij op het atelier van den beeldhouwer Mattos had ontmoet, ried hem aan, dit werk naar Arti te sturen. Het schilderij werd verkocht en Laguna werd als lid aangenomen. Hij werd spoedig bij vermogende families uit allerlei kringen geïntroduceerd en het begon er op te lijken of de kunst een oud geslacht het vermogen zou terugbrengend, dat de handel verloren had doen gaan.
Hij vestigde zich omstreeks zijn dertigste jaar om gezondheidsredenen in het Gooi, eerst te Laten, toen te Hilversum, maar spoedig weer in het eigenlijke schilderscentrum Laren-Blaricum. De joviale, origineele Laguna was spoedig op zijn gemak in deze verzamelplaats van joviale origineele naturen afkomstig uit alle locale, nationale anthropologische sferen. Het Gooische landschap heeft hem evenwel nooit geïnspireerd; nu en dan eens een binnenhuis, omdat de Larens kunsthandel dit genre naar America exporteerde, doch altijd met een figuur erin. Menschen moest hij hebben: boeren, bankiers, militairen, mondaine vrouwen zachte moeders met kinderen, kooplieden, venters, Hij is vooral de man van de “belle peinture”. Het oeuvre van Laguna omvat alle maatschappelijke kringen: Colijn als minister van oorlog, de kooplieden Kahn, Berg, Lion Gerzon, de doctoren Couvée, Philips, den politicus Domela Nieuwenhuis, den bankier Goedewagen, Van Loen, Amsterdams gemeentesecretaris Roovers, tal van beursmenschen. Zijn faam was zoo groot, dat Nederlanders in het buitenland hem lieten komen; zoo heeft hij mevrouw Detering te Londen geschilderd en menigmaal moest hij haar Brussel trekken. Hij kreeg in 1916 de gouden medaille der Koningin voor het portret van een violist, dat hij op Arti had hangen.
Een comité van allerlei vrienden in den heeft Laguna vandaag een prettigen 75sten verjaardag bezorgd. De oude heer is verleden jaar zwaar getroffen toen hij een zoon door een motorongeluk verloor; zijn werk en zijn vrienden van de ronde tafel in Hamdorff helpen hem echter zooveel mogelijk over het verdriet heen.